Ervaring is om te delen

Ervaring is goud waard, maar het kan ook een valkuil zijn. Medewerkers met veel jaren op de teller kennen je bedrijf door en door, maar kunnen ook vastlopen in oude patronen of minder snel nieuwe dingen oppakken. Juist door hen een nieuwe rol te geven – zoals het begeleiden van starters of het delen van hun vakkennis – benut je hun kracht én houd je hen betrokken en gemotiveerd. Hun kennis kan je hele bedrijf verder helpen.

Voordelen van ervaring benutten:

  • Snellere inwerkperiode: nieuwe medewerkers leren sneller van ervaren collega’s.
  • Sterker team: kennis en vaardigheden worden gedeeld, niet vastgehouden.
  • Meer motivatie: ervaren medewerkers voelen zich belangrijk en blijven langer.
  • Continuïteit: minder risico dat waardevolle kennis verdwijnt als iemand vertrekt.

Aan de slag met ervaren medewerkers:

  • Koppel buddy’s: laat een nieuwe medewerker starten met een ervaren collega als vraagbaak.
  • Maak tijd vrij: plan momenten waarop ervaren medewerkers kennis kunnen delen.
  • Erken de rol: benoem het begeleiden of coachen als een waardevolle taak, niet als iets om ‘erbij’ te doen.
  • Stimuleer kennisdeling: organiseer korte kennissessies waarin medewerkers elkaar iets leren.

Tip: Vraag je meest ervaren medewerker om deze maand één onderdeel van het werk uit te leggen of voor te doen aan een nieuwe collega. Zo benut je direct de kracht van ervaring en versterk je de samenwerking.

Zeven extra praktijktips om ervaringsleren te leren

70% van wat mensen leren gebeurt elke dag tijdens het werk, maar gaat vaak onbewust. HIer kan je eenvoudig meer uit halen. Door kleine acties in hoe je samenwerkt, ontwikkelen mensen zich sneller. Dat vraagt geen extra tijd, wel aandacht. Hieronder zeven praktische manieren om morgen al toe te passen:

  1. Sluit een overleg af met de vraag: “Wat nemen we mee voor de volgende keer?”. Houd het kort en doe het consequent.
  2. Bespreek wekelijks een casus: laat iemand een recente situatie delen (klantverhaal, fout, succes). Vraag: Wat heb je toen gedaan? Wat werkte wel/niet?
  3. Maak fouten bespreekbaar. Reageer dan nieuwsgierig i.p.v. corrigerend. Dat bepaalt of mensen durven leren in het werk.
  4. Laat mensen zelf oplossingen bedenken. Stel vaker de vraag: “Wat zou jij doen?”. Daarmee vergroot je eigenaarschap en leervermogen.
  5. Eindig gesprekken met een kleine actie. Laat de ander één concrete actie bedenken om te proberen. Spreek af wanneer het gebeurt en kom er op terug.
  6. Maak het concreet als iemand zegt dat het ‘goed’ gaat of er ‘hard’ gewerkt wordt: wat zijn de feiten? Dat helpt om te bespreken wat ervan geleerd kan worden.
  7. Loop eens mee op de werkvloer en stel een vraag. Ga naast iemand staan tijdens het werk en vraag: “Waar lopen mensen tegenaan?” of “Wat heb je nodig om je werk beter te kunnen doen?”.